MEV (Minimum Effective Volume)

MEV, of Minimum Effective Volume, is het minimale trainingsvolume dat nodig is om nog een meetbare positieve aanpassing, zoals spiergroei of krachttoename, te bewerkstelligen. Het concept wordt gebruikt binnen volume-gebaseerde trainingsplanning om een ondergrens te bepalen: trainen met minder volume dan de MEV levert weinig tot geen vooruitgang op, terwijl trainen rond of net boven de MEV efficiënt kan zijn voor mensen met beperkte trainingstijd of die in een fase van verminderde trainingsbelasting zitten, zoals tijdens een deload of een drukke periode. De MEV verschilt sterk per individu en hangt af van trainingservaring: beginners hebben doorgaans een lagere MEV omdat hun lichaam nog relatief gevoelig is voor elke trainingsprikkel, terwijl ervaren sporters meer volume nodig hebben om vooruitgang te blijven boeken. MEV wordt vaak gebruikt in combinatie met MAV (Maximum Adaptive Volume, het volume met de beste kosten-batenverhouding) en MRV (Maximum Recoverable Volume) om een volledig beeld te krijgen van het volumebereik waarbinnen effectief en duurzaam kan worden getraind.

← Terug naar de kennisbank