De barbell row is een trekoefening waarbij een halterstang vanaf de grond of een verhoogde positie naar de onderbuik of borst wordt getrokken, terwijl de romp voorovergebogen blijft in een stabiele, vaste hoek. De oefening richt zich primair op de brede rugspier, de middelste en onderste trapezius en de achterste schouderspieren, met een belangrijke ondersteunende rol voor de onderrug en core, die de voorovergebogen positie moeten stabiliseren. Er bestaan verschillende varianten, waaronder de Pendlay row (waarbij de stang bij elke herhaling op de grond rust) en de Yates row (uitgevoerd met een meer rechtopstaande romp en een ondergrepen handpositie). Een veelgemaakte fout is het ronden van de onderrug tijdens het optillen, wat het risico op rugklachten vergroot; de romp moet een stabiele, licht holle positie behouden door de hele beweging. Daarnaast wordt vaak te veel momentum uit de heupen gebruikt om het gewicht omhoog te “slingeren”, wat de spieractivatie van de rugspieren vermindert ten gunste van een minder gecontroleerde beweging.




