L-carnitine
L-carnitine is een quaternaire ammoniumverbinding die in het lichaam wordt gesynthetiseerd uit de aminozuren lysine en methionine, voornamelijk in de lever en nieren. L-carnitine speelt een essentiële rol bij het transport van langeketen-vetzuren naar de mitochondriale matrix, waar ze worden geoxideerd voor energieproductie via bèta-oxidatie. Zonder carnitine kunnen langeketen-vetzuren de mitochondriale binnenmembraan niet passeren en niet worden gebruikt als energiebron. Als voedingssupplement wordt L-carnitine aangeboden in diverse chemische vormen en is bijzonder populair in de sportvoedingsmarkt en als onderdeel van supplementen voor energiemanagement en vetmetabolisme.
Vormen van L-carnitine
L-carnitine tartaraat is de meest stabiele en meest gebruikte vorm in sportvoedingssupplementen vanwege de goede oplosbaarheid en bewaarstabiliteit. Acetyl-L-carnitine (ALCAR) is een geacetyleerde vorm die gemakkelijker de bloed-hersenbarrière passeert en in de hersenen actief is in het acetylcholinemetabolisme. Propionyl-L-carnitine is een andere ester die voornamelijk in hartspierweefsel actief is. L-carnitine L-tartraat heeft een hoge biologische beschikbaarheid en wordt geprefereerd in sportvoedingstoepassingen. De keuze van carnitinvorm is relevant voor de beoogde toepassing van het supplement.
Endogene aanmaak en voedingsbronnen
Gezonde volwassenen met een gevarieerd dieet produceren doorgaans voldoende L-carnitine via endogene synthese aangevuld met voedingsinname om een adequaat carnitinestatusniveau te handhaven. Voedingsbronnen van L-carnitine zijn voornamelijk rood vlees en gevogelte. Vegetariërs en veganisten hebben een lagere inname via voeding en kunnen lagere plasma-L-carnitinespiegels hebben dan omnivoren, hoewel de klinische relevantie van dit verschil bij gezonde individuen beperkt is doordat de endogene synthesecapaciteit compenserend optreedt bij lagere voedingsinname.
EFSA-beoordeling
EFSA heeft gezondheidsclaims voor L-carnitine beoordeeld. De meeste ingediende claims voor L-carnitine, waaronder claims gerelateerd aan vetmetabolisme en sportprestaties, zijn door EFSA afgewezen wegens onvoldoende wetenschappelijk bewijs voor een causale relatie bij de onderzochte doseringen en populaties. Er zijn geen goedgekeurde EFSA-gezondheidsclaims beschikbaar voor L-carnitine-supplementen in Europa. Aanbieders mogen de biochemische rol van L-carnitine in het vetzuurmetabolisme feitelijk beschrijven maar mogen geen gezondheidsclaims communiceren die niet zijn goedgekeurd.
Biologische beschikbaarheid
De biologische beschikbaarheid van L-carnitine via orale inname is relatief laag vergeleken met intraveneuze toediening. Studies tonen een absorptie van circa 54-87 procent voor oraal ingenomen L-carnitine, afhankelijk van de doseringshoeveelheid en de aanwezigheid van voeding bij inname. Hogere enkelvoudige doses hebben een proportioneel lagere absorptie dan lagere doses. Verdeeld innemen over meerdere doses per dag optimaliseert de totale dagelijkse absorptie ten opzichte van een eenmalige hoge dosis.
Gebruik en veiligheid
L-carnitine wordt over het algemeen goed verdragen bij aanbevolen doseringen. Hogere doseringen kunnen maagdarmklachten veroorzaken inclusief misselijkheid en diarree. Een visachtige lichaamsgeur is een bekende bijwerking bij hoge doses als gevolg van bacteriële omzetting van carnitine in de dikke darm naar trimethylamine. Personen met nierinsufficiëntie dienen L-carnitine-suppletie te bespreken met hun arts. Raadpleeg een arts bij gebruik in combinatie met bloedverdunners vanwege mogelijke interacties.
De wetenschappelijke evidentie voor L-carnitine als supplement bij gezonde individuen met adequate voedingsinname is beperkter dan de populariteit in de sportvoedingsmarkt suggereert. Voor bepaalde populaties, zoals oudere volwassenen met lagere carnitine-synthesecapaciteit of vegetariërs met lagere voedingsinname, kan gerichte suppletie zinvoller zijn dan voor de gemiddelde gezonde volwassene met een gevarieerd omnivoor dieet en normale nierfunction.
Farmacologische interacties van L-carnitine met specifieke medicijnen verdienen aandacht bij personen die meerdere middelen gebruiken. Schildklierremmende medicijnen en anticonvulsiva zijn middelen waarvoor interacties met L-carnitine zijn gedocumenteerd in de literatuur. Personen die deze of andere medicijnen gebruiken en L-carnitine willen toevoegen aan hun suppletieroutine worden nadrukkelijk aangeraden dit eerst te bespreken met hun behandelend arts of apotheker voor een gepersonaliseerd advies over de veiligheid van de combinatie. en zo een veilige en weloverwogen beslissing te kunnen nemen over de geschiktheid van L-carnitine-suppletie in de context van hun persoonlijke medicatieschema en zo onaangename verrassingen of negatieve interacties te voorkomen bij het gebruik van L-carnitine-supplementen in combinatie met andere middelen




