Een superset is een trainingstechniek waarbij twee oefeningen zonder rust na elkaar worden uitgevoerd, voordat er een rustperiode wordt genomen. Dit kan op verschillende manieren worden ingevuld: een superset voor antagonistische spiergroepen (bijvoorbeeld bicepscurl direct gevolgd door tricepsextensie), een superset voor dezelfde spiergroep (bijvoorbeeld twee verschillende borstoefeningen achter elkaar voor extra metabole stress), of een superset tussen ongerelateerde spiergroepen, vaak gebruikt om trainingstijd te besparen. Supersets worden veel toegepast om de trainingsefficiëntie te verhogen, de hartslag verhoogd te houden voor een extra conditioneel effect, en metabole stress te vergroten voor hypertrofiedoeleinden. Een nadeel is dat de prestatie op de tweede oefening van de superset vaak iets lager ligt door reeds opgebouwde vermoeidheid, wat betekent dat supersets minder geschikt zijn wanneer maximale kracht of techniekfocus op elke individuele oefening vereist is. Supersets worden daarom vaker toegepast in hypertrofiegerichte trainingsfases dan in puur krachtgerichte schema’s.




