Een mineraalrijke, harsachtige substantie die in hooggebergten zoals de Himalaya wordt gevonden en al lang wordt gebruikt in de Ayurvedische traditie. Shilajit ontstaat door de geleidelijke, eeuwenlange afbraak van plantaardig materiaal dat tussen rotslagen in hooggelegen berggebieden is samengeperst, een proces dat wordt beïnvloed door specifieke temperatuur- en drukomstandigheden op grote hoogte. De substantie wordt van oudsher handmatig verzameld uit rotsspleten, vaak op hoogtes van 1000 tot 5000 meter, en wordt binnen de Ayurveda al eeuwenlang gebruikt en beschreven in klassieke geschriften als een van de meer bijzondere mineralenbronnen binnen deze traditie. Shilajit bevat een complexe samenstelling van mineralen en organische stoffen, waaronder fulvinezuur en humuszuren, die vaak worden gebruikt als standaardisatiemarkers op productlabels. Vanwege de oorsprong direct uit de natuur, zonder een gestandaardiseerd kweek- of extractieproces zoals bij veel kruidenextracten, is kwaliteitscontrole en zuivering van shilajit, met name met betrekking tot mogelijke verontreiniging met zware metalen uit de natuurlijke omgeving, een belangrijk aandachtspunt binnen de productie.




